Fit te paard

door Kitty Nijholt - Startlijsten.nl
Fit te paard

Het besef begint steeds meer te komen: onze paarden zijn in goede conditie, maar zelf blijven we achter. Rode hoofden, zwetende lichamen, soms zelfs al tijdens het rijden van één paard. Eigenlijk is dit niet eerlijk tegenover het paard. We verwachten dat hij zich volledig inzet en luistert naar onze hulpen, maar ondertussen kunnen we hem zelf door gebrek aan conditie en coördinatie niet goed bijhouden.

Tijd om het roer om te gooien!

Coördinatie, en dus ook lichaamsbeheersing, speelt een enorm belangrijke rol tijdens het rijden. Alleen wanneer we al onze lichaamsdelen onafhankelijk van elkaar kunnen gebruiken, kunnen we in balans zitten en onze hulpen correct geven. Alleen al de diagonale hulpen, dat wil zeggen het samenspel tussen binnenbeen en buitenteugel, zorgen voor een coördinatie-hoogstandje. Daarom is het belangrijk onze coördinatievaardigheden te blijven ontwikkelen.

We noemen coördinatie de wisselwerking tussen onze zintuigen (receptoren), het centrale zenuwstelsel en spieren. Coördinatievaardigheden vormen de eenheid tussen waarneming en motorische realisatie. Zij vormen de basis om bewegingen correct uit kunnen uitvoeren.

De coördinerende vaardigheden zijn onder andere:

  • Oriëntatie-vaardigheid: Hierbij gaat het over de vaardigheid ons aan te kunnen passen aan de ruimtelijke omstandigheden en veranderingen. Naast de visuele waarneming speelt ook geluid en gevoel een belangrijke rol.
  • Ritmische vaardigheid: de ritmische vaardigheid laat ons toe om een bepaald ritme zien, te herkennen en onze beweging aan te passen aan dit ritme. Het ritme kan een melodie zijn maar ook het ritme van onze eigen beweging of die van het paard.
  • Evenwichtsgevoel: ons evenwichtsgevoel stelt ons in staat om ons lichaam of delen van ons lichaam in balans te houden. Er zijn verschillende vormen van evenwicht: een stabiel evenwicht (bijvoorbeeld als we in een bepaalde positie willen blijven staan) en een dynamisch evenwicht (wanneer het lichaam in beweging is, bijvoorbeeld tijdens het rijden).
  • Reactievermogen: Dit is over het vermogen om snel en effectief te reageren op prikkels en signalen en deze omzetten in een motorische handeling.
  • Differentiatie-vermogen: om heel klein te zijn in onze hulpen, moeten we in staat zijn om informatie gedifferentieerd op te nemen en te gebruiken.

Coördinatie: de basis voor harmonische beweging

Al deze coördinerende vaardigheden staan niet op zichzelf, maar ze vormen een hecht netwerk van relaties met wederzijdse afhankelijkheid. Ze zijn ook nauw verbonden met de spieren en de biologische toestand van ons lichaam. De doelbeweging is het resultaat van deze interactie.

Coördinatie is dan ook de basis voor lichaamscontrole en bewegingszekerheid. Het verbetert de samenwerking van de spieren en zorgt voor harmonische bewegingen. Dit is vooral belangrijk voor een onafhankelijke zit.

De coördinatie vaardigheden helpen ons ook in onvoorspelbare situaties, zoals wanneer het paard is schrikt en opzij springt. Dan zijn we dankzij onze coördinatievaardigheden zoals evenwicht, oriëntatie, reactie en ritme in staat in het zadel te blijven zitten doordat we ons eenvoudig aan passen aan de veranderende beweging.

Bewegingservaringen trainen coördinatievaardigheden

Om het coördinatievermogen te vergroten, is het belangrijk om verschillende bewegingservaringen op te doen. Dit is één van de redenen waarom het ons ruiters helpt wanneer we andere sporten beoefenen buiten het paardrijden om, zoals bijvoorbeeld tennissen, dansen of aan yoga doen.

Er zijn heel veel mogelijkheden om je coördinatie te trainen. Stijg je normaal altijd op aan de linkerkant van je paard, probeer het dan tussendoor ook eens van rechts. Of neem de bezem eens in de andere hand bij het vegen van de stal.

Maar er zijn ook oefeningen, die je spontaan kunt integreren in het dagelijks leven en die helpen bij het verbeteren van je coördinatie. We hebben zeven oefeningen op een rijtje gezet die je helpen bij het trainen van je coördinatie. Alle oefeningen zijn ook prima in de stal uit te voeren en kunnen dus als warming-up voor het rijden dienen.

Daar gaan we:

  1. Eénbeenstand: Til één knie omhoog, zodat er een rechte hoek ontstaat tussen de dij en kuit. Houd deze positie 40 seconden vast. Daarna het andere been. Herhaal deze oefening drie keer.
    Als je problemen hebt met het houden van je evenwicht, dan moet je proberen met je ogen naar een vast punt te blijven kijken. Dit helpt over het algemeen heel goed.

    Om de oefening moeilijker te maken, ga je niet meer op een harde, vlakke ondergrond staan maar op oneffen terrein, zoals een kussen. Ook het sluiten van je ogen tijdens de oefening maakt het moeilijker.
     
  2. Armcirkels: Zet je benen op heupbreedte en strek beide armen omhoog. Laat je linkerarm naar achteren draaien en tegelijkertijd je rechterarm naar voren. Na zes rondjes verander je van richting. Dit drie keer herhalen.

    Om de oefening moeilijker te maken, kun je beurtelings op het linker- of rechterbeen de oefening uitvoeren.
     
  3. Til hielen: Trek je rechterhak met je linkerhand tegen je billen en houd het daar gedurende 10 seconden. Doe dit vervolgens met het andere been en de andere hand. Herhaal deze oefening 5 keer.
     
  4. Voet afrollen: Loop met zeer kleine stappen door de kamer, stalgang of weide en rol daarbij je voet af van voetbal tot hiel. De andere voet rolt vervolgens van hiel tot de bal van de voet terug. Maximaal coördinatievermogen, of niet? 
     
  5. Jumping Jacks: Deze oefening ken je vast nog uit je schooltijd: je springt omhoog en spreid daarbij je benen en strekt je armen schuin boven je hoofd. Daarna spring je weer omhoog waarbij je je benen weer bij elkaar doet en je je armen weer langs je lichaam laat hangen. Herhaal dit vijftien keer.
     
  6. Lunge: Neem een grote stap naar voren, buig daarbij beide knieën en laat de ene knie tot aan de grond zakken. Heel belangrijk: de voorste knie mag nooit voorbij je tenen komen. Houd deze positie tien seconden vast. Herhaal de oefening 3 keer met elk been.
     
  7. Tik en cirkels: Met één hand klop je zachtjes op je hoofd, terwijl je met je andere hand in kleine cirkels over je buik aait. Doet dit daarna andersom. Niet zo eenvoudig, hè?

Hoe gingen deze oefeningen je af? En heb je zelf nog toevoegingen, meld ze dan hieronder!

Reacties

Reageren

Je mag nog 500 tekens gebruiken.

  1. bertus

    #1

    steigeren doet een paard; opstijgen doe je met een lange ij !

    • Robert - Startlijsten.nl

      #1

      Ha, zeer scherp! Bedankt, we hebben het aangepast.

  2. W.Dijkstra

    #2

    Tussen de oefeningen loop je steeds 3 minuten in een rustig duurlooptempo hard ;-)

  3. Sabina

    #3

    Bij het op 1 been staan kan je ook je standbeen iets buigen zodat hij niet overstrekt voor meer evenwicht

Nu op de voorpagina

  • Nieuw artikel: Wedstrijdspanning onder controle
  • TV Vandaag: CHIO - Rotterdam
Klik hier voor de voorpagina