Lang en laag - niet rond en traag

door Kitty - Startlijsten.nl
Lang en laag - niet rond en traag

Veel ruiters kennen het concept 'lang en laag', maar vaak wordt dit verkeerd begrepen. Laten we deze manier van rijden nog eens aandachtig bekijken:

  1. Om een effectieve 'lange en lage' manier van trainen te bereiken, is het raadzaam gebruik te maken van voltes om het paard in balans te laten gaan. Rijd het paard rustig voorwaarts, totdat hij zijn achterbeen en lendenen aanspant en contact zoekt met de ruiterhand door druk en loslaten van de hand van de ruiter.
     
  2. Terwijl je dit doet, denk je bij jezelf:" Zou het paard er zo uitzien in de weide? Als het antwoord ja is - dat wil zeggen dat hij met zijn hoofd en hals in graaspositie en op de voorhand loopt - kun je hem net zo goed terugzetten in de wei, omdat je niets zult bereiken.
     
  3. Vergeet niet dat stretchen voor elk paard persoonlijk en dus verschillend is. Als hij hoog in het frame staat en een beetje kort en strak in zijn lijf is, moet hij misschien wat langer uitrekken en wat dieper. Een ander paard dat de neiging heeft om op de voorhand te duiken, zou het evenwicht kunnen verliezen door te laag te gaan en kan beter niet al te diep gereden worden.
     
  4. Houd je niet teveel bezig met het feit dat de neus van het paard niet achter de loodlijn komt dat je hem daardoor een te lange teugel geeft. Hierdoor zal het paard achter de kaak blokkeren en vanuit de achterhand niet meekomen.
    Je moet voelen dat het paard zich wil strekken en je hand volgen, zijn ritme, balans en rechtgerichtheid behouden, maar nog altijd zijn achterbenen actief naar voren brengen.
     
  5. Introduceer lang en laag in stap, een tempo waarbij de meeste paarden ontspannen zijn.
    Laat hem uitrekken aan een langere teugel en draaf dan aan. 
     
  6. Denk vooruit, niet aan versnellen. Door te snel rijden valt het paard op de voorhand.
    Het paard moet ruime passen maken met de energie die uit het achterbeen komt.
     
  7. Als het paard gespannen is of zich fris voelt, is de oefening mogelijk niet geschikt. Rijd hem op een volte met wat buiging naar binnen tot hij ontspant en een beetje stoom afblaast.
     
  8. Integreer lang en laag-werk aan het begin en einde van elke sessie, maar wissel ook tussendoor af in houding.
    Bij een ervaren paard kun je stukjes lang en laag als beloning gebruiken.

Ook interessant

  • Dressuurproeven vanaf 1 april 2022

    Dressuurproeven vanaf 1 april 2022

    De nieuwe dressuurproeven met ingang van april 2022

  • De 25 echte regels van dressuur

    De 25 echte regels van dressuur

    Hilarische regels rondom dressuurrijden. Niet voor serieuze ruiters!

  • Het rijden van wedstrijden (startdocumenten)

    Het rijden van wedstrijden (startdocumenten)

    Om aan KNHS wedstrijden te kunnen deelnemen, heb je een startpas nodig.  Een startpas is het bewijs dat je met een bepaalde pony of paard bij de KNHS bent ingeschreven om wedstrijden te rijden. Op een startpas staan de gegevens van de ruiter of menner en een omschrijving van het paard.

  • Leren appuyeren

    Leren appuyeren

    Wanneer je paard al wat meer kan verzamelen, komt na de travers het appuyement. Lees hier hoe je deze oefening aanpakt.

  • Dressuur: Losgelassenheit

    Dressuur: Losgelassenheit

    Losgelassenheit staat voor losheid, souplesse en ontspanning. Op elk moment van de training moet het mogelijk zijn direct terug te gaan naar de ontspanning, zowel lichamelijk als geestelijk. Alvorens het paard tijdens de training aan het werk te zetten, moet het eerst goed losgereden worden. Hierbij worden spieren, pezen, banden en gewrichten van het paard verwarmd en losgemaakt. Door de tijd te nemen goed los te rijden, verklein je het risico op blessures bij je paard.

Chat